Foss is het Noorse woord voor waterval (meervoud: fosser). Noorwegen is topografisch en klimatologisch een watervalland: hoge neerslag aan de westkust, steil terrein, veel hangende dalen uit de ijstijd. De bekendste: de Vøringsfossen (182 m vrije val, Hardanger), de Mardalsfossen (655 m), de Stigfossen (bij de Trollstigen), de Zeven Zusters aan de Geirangerfjord.
Voor de reiziger zijn veel fosser direct vanaf de auto of het wandelpad toegankelijk. In de wandelmaanden mei tot juli voeren ze het meeste water; in de droge augustus en september kunnen sommige flink teruglopen. Een voorzichtigheidsregel geldt overal: Noorse fosser zijn zelden afgezet. De afstand tot de rand is jouw verantwoordelijkheid.